Hond
en voeding
Algemeen |
|
| Tot enkele tientallen jaren geleden
kregen huisdieren de restjes van de maaltijd van de mensen. Langzaam
maar zeker heeft de markt voor volwaardig honde- en kattevoer zich
ontwikkeld tot de huidige omvang. Het aanbod van diervoeding in de
supermarkt en dierenspeciaalzaak is groot. De schappen staan vol met
allerlei soorten en merken diervoeding. Hoe weet je nu wat een goed voer
is? Voor het antwoord op die vraag is enige achtergrondinformatie
noodzakelijk.
|
![]() |
|
Zoals bekend, stamt de hond af van de wolf. Door deze afstamming en de vorm van het gebit, wordt de hond tot de carnivoren (vleeseters) gerekend. De voedingsbehoefte van een hond is echter die van een omnivoor (alleseter). Dit in tegenstelling tot de kat, die een meer uitgesproken vleeseter is en daarom een essentieel andere voedingsbehoefte heeft dan de hond.
|
|
De voedingsbehoefte
|
|
|
Dieren eten om hun energiebehoefte te dekken. Als ze voldoende voedsel hebben gegeten om aan deze behoefte tegemoet te komen, zullen dieren in het wild stoppen met eten. Door de hoge smakelijkheid van diervoeding, het geven van -vaak ongezonde- tussendoortjes en een minder actieve levensstijl, eet de hond of kat vaak meer dan nodig is om aan de energiebehoefte te voldoen. Dit resulteert uiteindelijk in dieren met vetzucht. Het tegenovergestelde gebeurt bij energie-arme voeders: de dieren eten tot ze een vol gevoel hebben, terwijl ze nog niet voldoende energie hebben opgenomen. Op de langere duur leidt dit tot vermagering bij het dier. De dagelijkse energiebehoefte hangt af van de leeftijd, het activiteitsniveau, de omgeving, de gezondheidstoestand en het feit of de hond drachtig is of pups moet voeden (de zogenaamde reproductiestatus).
|
eten om aan energiebehoefte te voldoen |
| Gemiddeld heeft een hond van 15 kilo
een onderhoudsbehoefte aan energie van 60 kcal/kilo/dag, dus ongeveer
900 kcal per dag.
|
|
|
Kleine hondenrassen hebben een grotere behoefte aan energie per kilogram lichaamsgewicht dan grote rassen. Opgroeiende, drachtige, melkgevende en actieve dieren hebben naast de onderhoudsbehoefte nog extra energie nodig. Ook dieren in stresssituaties hebben aanvullende energie nodig.
|
![]() |
Volledig en uitgebalanceerd
voer
|
|
|
Natuurlijk heeft een hond meer nodig dan alleen maar energie. Omdat een hond van nature stopt met eten als de energiebehoefte gedekt is, moet de dagelijkse maaltijd tevens de noodzakelijke hoeveelheden eiwitten, vetten, vitaminen, mineralen en water bevatten. Alle voedingsstoffen moeten dus uitgebalanceerd zijn op basis van het energiegehalte van het voer.
|
|
|
Een uitgebalanceerd voer is een voer waarin voedingsstoffen in de juiste hoeveelheden en in de juiste onderlinge verhouding gecombineerd worden voor die levensfase of activiteitsniveau. Een uitgebalanceerde voeding is dus afgestemd op de voedingsbehoefte van elk individueel dier. Een pup heeft andere behoeften dan een oude hond en heeft dus een andere voeding nodig. "Voer voor alle leeftijden'' kan dus nooit voor alle leeftijdsfasen een uitgebalanceerd voer zijn.
|
uitgebalanceerde voeding afgestemd op individueel dier |
|
Een voer is volledig als het alle noodzakelijke voedingsstoffen in voldoende mate bevat. Er hoeven dan geen andere voedingsmiddelen toegevoegd te worden om het dier in leven te houden. Een volledig voer is nog geen uitgebalanceerd voer. Een volledig voer kan van bepaalde voedingsstoffen een overmaat bevatten en de voedingsstoffen komen niet altijd in de juiste verhouding voor.
|
|
Voedingsstoffen
|
|
|
Een nutriënt of voedingsstof is elk voedingsbestanddeel dat het leven in stand helpt te houden. Er zijn verschillende groepen nutriënten, te weten: eiwitten, vetten, koolhydraten, vitaminen, mineralen en water. Eiwitten, vetten en koolhydraten leveren energie. Hiervan zijn de koolhydraten als enige niet noodzakelijke voedingsstoffen. Vitaminen, mineralen en water leveren geen energie, maar zijn wel noodzakelijk.
|
![]() |
|
1.
Eiwitten Eiwitten hebben vele functies in het lichaam. De bekendste functie is die van de opbouw van spieren, vacht en huid. Ook spelen zij een rol in de opbouw van bindweefsel, botten en nagels. Verder spelen de eiwitten o.a. een belangrijke rol bij de afweer van ziekten en een aantal belangrijke hormonen zijn eiwitten. Daarnaast leveren eiwitten energie.
|
opbouw |
|
2.
Vetten Vetten zijn de belangrijkste bron van energie. Zoals bekend kan een overmaat aan energie opgeslagen worden in het lichaam als vet en zo later als energiebron fungeren.
|
energie |
|
3.
Koolhydraten Koolhydraten kunnen weer opgesplitst worden in twee groepen: verteerbare en niet-verteerbare koolhydraten. De verteerbare koolhydraten leveren energie en kunnen ook, zij het in beperkte mate, in het lichaam opgeslagen worden. De niet-verteerbare koolhydraten spelen een rol bij de activiteit van de darmen.
|
energie |
|
4.
Vitaminen Vitaminen zijn belangrijk voor de chemische reacties die plaatsvinden bij de stofwisseling. Ze kunnen gesplitst worden in de wateroplosbare (vitamine B-complex en vitamine C) en de vetoplosbare vitaminen (vitamine A, D, E en K). De wateroplosbare vitaminen worden niet opgeslagen, de vetoplosbare vitaminen worden wel opgeslagen in het lichaam.
|
stofwisseling |
|
5.
Mineralen De mineralen worden gesplitst in macromineralen en micromineralen of sporenelementen. De macromineralen zijn: calcium, fosfor, kalium, natrium en magnesium. Tot de sporenelementen behoren: ijzer, zink, koper, mangaan, jodium, kobalt en selenium. De mineralen spelen o.a. een rol bij de handhaving van de hoeveelheid vocht in het lichaam en bij de regulatie van een groot aantal biochemische processen (scheikundige reacties die in het lichaam plaatsvinden, bijvoorbeeld de verbranding van vet).
|
vochtregulering |
|
6.
Water Water is het meest noodzakelijke voedingsstof. Het lichaam bestaat voor meer dan 70% uit water en een verlies van 15% leidt vaak al tot de dood. In alle soorten voer zit water, variërend van ongeveer 10% in droogvoer tot soms 85% in blikvoer. Schoon, vers water moet altijd beschikbaar zijn.
|
![]() |
De voeders
|
|
|
Globaal zijn er 4 soorten voeders om de hond een compleet en uitgebalanceerd voer te geven: 1. Droge brokken 2. Diepvriesvoer 3. Blikvoer 4. Zelf te bereiden
|
uitgebalanceerd |
|
Voor droge brokken, diepvriesvoer en blikvoer geldt dat ze in principe volledig zijn, maar de kwaliteit verschilt sterk van merk tot merk. Het belangrijkste verschil, naast het verschil in % water, is dat blikvoer een relatief hoog eiwitgehalte heeft, droge brokken vooral energie uit koolhydraten en diepvriesvoer vooral energie uit vetten leveren. Zelf te bereiden voeding kan een goed alternatief zijn, maar vraagt toch wel wat inzicht en werk. Het houdt heel wat meer in dan de hond de tafelresten en af en toe een koekje geven, wil de hond een compleet en uitgebalanceerd dieet krijgen.
|
|
Conclusie
|
|
|
Een goede voeding is dus in ieder geval afgestemd op de leeftijd en de activiteit van het dier. Het etiket op de verpakking van het voer geeft wel bepaalde informatie, maar niet genoeg om te weten te komen of het een goed voer is. De conditie van de hond is een goede maatstaf voor de kwaliteit van het voer. Een goed voer geeft weinig ontlasting, een glanzende vacht en houdt de hond actief en gezond.
|
een goed voer geeft weinig ontlasting en een glanzende vacht |

Jyoti