Vlooien |
||
|
Bij de hond komen twee soorten vlooien voor: de hondenvlo en de kattenvlo, waarvan de laatstgenoemde het meest voorkomt. Bij het bijten door de volwassen vlo komen er stofjes in de huid, waardoor de huid verdoofd wordt en het bloed minder snel stolt. Hierdoor wordt de beet niet gevoeld en kan de vlo het bloed opnemen. Na verloop van tijd gaan deze bijtplekken jeuken en zal de hond zichzelf gaan krabben en bijten.
|
![]() |
|
De cyclus van de vlo |
||
| Een volwassen vlo kan
enkele honderden eieren leggen. Deze komen in de omgeving van de hond
terecht, waar ze na 2 tot 12 dagen uitkomen. De larven leven o.a. van de
uitwerpselen van de volwassen vlooien. In 1-2 weken ontwikkelen de
larven zich tot poppen. Uit deze poppen komen na enkele dagen tot
maanden de volwassen vlooien. De duur van de ontwikkeling van de
verschillende stadia is afhankelijk van de omgevingstemperatuur en de
luchtvochtigheid. Onder gunstige omstandigheden duurt een volledige
cyclus slechts 11 dagen. Die gunstige omstandigheden zijn in onze
woningen met centrale verwarming het hele jaar door aanwezig. De stadia
in de omgeving zijn vooral te vinden op warme, donkere en wat vochtige
plaatsen, zoals in spleten en kieren in de houten vloer, achter plinten
ed. Hoewel de volwassen vlooien de problemen veroorzaken, maken zij
slechts 5% uit van de totale vlooienpopulatie, de andere 95% bevindt
zich als ei (50%), larve (35%) of pop (10%) in het huis.
|
![]() |
|
Besmetting en symptomen |
||
|
Een hond kan vlooien krijgen van andere besmette dieren, maar vooral door verblijf in een besmette omgeving, m.n. ‘s zomers. Dit kan het huis zijn, maar ook b.v. trainings- en uitlaatvelden waar andere besmette dieren zijn geweest. Vaak wordt vergeten dat ook de mand, kennel en auto een bron van besmetting kunnen zijn.
|
mand, kennel en auto | |
| Vlooien kunnen zelf besmet
zijn met lintwormen en deze overbrengen op de hond. De vlooien kunnen
onopgemerkt blijven, maar veelal zal de hond zich krabben en bijten door
de jeuk. Vooral bij een vlooienallergie zal de hond veel jeuk hebben,
zelfs van één enkele beet. De hond wordt kaal en de huid raakt
ontstoken, aanvankelijk vooral op de achterhand bij de staartbasis, maar
na verloop van tijd over steeds grotere delen van het lichaam.
|
![]() |
|
|
Een lintworminfectie valt meestal op doordat er lintwormsegmenten rond de anus gezien worden. Sommige honden gaan ‘sleetje rijden’: met de achterhand over de grond schuren. Zeldzame symptomen zijn vermageren, diarree en een dorre vacht.
|
||
Vlooienbestrijding |
||
|
Vlooienbestrijding is alleen effectief als zowel
de volwassen vlooien op de hond als de ontwikkelingsstadia in de
omgeving aangepakt worden. Voor de bestrijding van volwassen vlooien op
de hond zijn op dit moment
verschillende middelen op de markt, die effectief zijn: metoclopramide
(Advantage®), fipronil (Frontline®) of selamectine (Stronghold®).
Voor de bestrijding van de ontwikkelingsstadia kan Program® aan de hond
gegeven worden. Dit bevat de werkzame stof lufeneron, dat voorkomt dat
de eieren uitkomen. Er zijn verder vele sprays voor de omgeving.
Werkzame stoffen zijn o.a. fenoxycarb, permethrin en methopreen. Vergeet
vooral de mand, kennel, auto en alle andere plaatsen waar de hond komt
niet te sprayen en spuit vooral goed op de eerder genoemde donkere,
vochtigere plaatsen waar de ontwikkelingsstadia zich bevinden.
|
![]() |
|
|
Het is
meestal nodig de behandeling een of meerdere keren te herhalen,
afhankelijk van de infectiedruk en de duur van de werkzaamheid van het
gebruikte middel.
|
meerdere keren herhalen | |
Teken
|
![]() |
|
|
Net als de
vlo, is de teek een bloedzuigend insect. De jeuk varieert, maar meestal
geeft de aanwezigheid van een of meer teken wel irritatie, wat zich uit
in krabben.
|
||
De cyclus van de teek
|
||
|
Volwassen
teken zuigen zich vol bloed, waarna ze enkele duizenden eitjes kunnen
leggen. De larven komen na 2 tot 7 weken uit het ei en voeden zich op de
eerste gastheer. Daarna ontwikkelen ze zich in 6 tot 90 dagen tot
nymphen die zich 3 tot 10 dagen voeden op een tweede gastheer. Gedurende
17 tot 100 dagen blijven ze in ruste en vervellen tot volwassen teken.
Een volwassen teek wordt 1 tot 1 ½ jaar oud. De verschillende stadia
komen vooral voor in schaduwrijk struikgewas in een enigszins vochtige
omgeving. Afhankelijk van de omstandigheden duurt een volledige cyclus 1
tot 3 jaar.
|
![]() |
|
Besmetting en symptomen
|
||
|
Honden
raken vooral besmet door lopen in laag struikgewas, kreupelhout en door
het bos. Meestal blijft het beperkt tot 1 of enkele teken. De teken
zitten met hun kop in de huid en zijn bruin tot paarsrood van kleur. Ze
bevinden zich vooral op de borst en bij de oren, maar kunnen op het
gehele lichaam voorkomen. De beet van een teek geeft een locale reactie
in de vorm van zwelling, roodheid en ontsteking. Meestal is de teek nog
geheel aanwezig, maar soms zijn alleen de monddelen achtergebleven in de
huid. Een enkele keer treedt een overgevoeligheidsreactie op. Teken
kunnen de ziekten babesiose, anaplasmose en ehrlichiose overbrengen.
|
![]() |
|
Behandeling
|
||
| De teken kunnen makkelijk verwijderd worden, bijvoorbeeld m.b.v een tekentang. Verdoven van de teken met alcohol of ether, verhoogt de kans op overbrenging van babesiose, anaplasmose en ehrlichiose en wordt derhalve afgeraden. | geheel verwijderen | |
![]() |
Bij grote aantallen teken kan gewassen worden met verschillende middelen (informeer hiervoor bij uw dierenarts). Achtergebleven monddelen moeten verwijderd worden, daar ze anders aanleiding zijn tot een meer of minder ernstige ontsteking. | |
| Fipronil
(Frontline®) werkt ook tegen teken. Indien u op vakantie gaat naar een
gebied waar veel teken voorkomen en de kans op besmetting met babesiose,
anaplasmose en ehrlichiose groot is, neem dan contact op met uw dierenarts
voor verdere maatregelen. |
||
|
|
||

Jyoti